Vonnis is uitgesteld.
De rechtbank van Middelburg heeft aangegeven dat er op 23 mei nog geen vonnis zal zijn. Het vonnis wordt zes weken aangehouden.
23 mei uitspraak
Op 23 mei 2012 zal mr. H.A. Witsiers, rechter in Middelburg, uitspraak doen in de zaak van het RIVM en directeur infectieziektebestrijding Roel Coutinho tegen Hans van der Linde. Afgelopen woensdag hebben beide partijen elkaar voor het eerst voor de rechter getroffen.
Tijdens de zitting in Middelburg, deelde de landsadvocate mee dat VWS nog steeds op een schikking uit was. Maar ook zij moest uiteindelijk erkennen dat de verschillen op dat moment onoverbrugbaar waren. VWS eist van Hans van der Linde dat hij zijn opmerkingen over de belangenverstrengeling van professor Roel Coutinho terugneemt. Van der Linde weigert dat, omdat deze naar zijn overtuiging niet onjuist zijn.
Hans van der Linde heeft de rechter om vonnis gevraagd, mede omdat VWS twee weken lang niet in staat is geweest met een tekstvoorstel te komen voor een gezamenlijke verklaring. ,,Ik voel mij bedreigd door de Staat, met dit proces'', zei Van der Linde tegen rechter Witsiers. De Staat antwoordde dat er geen sprake was van een poging tot intimidatie, maar dat de uitlatingen van Van der Linde over Coutinho beschadigend zijn voor de hoogleraar en voor het RIVM. Roel Coutinho ontkende tijdens de zitting dat hij belangenverstrengeling heeft.
Het RIVM wees de tegeneis van de hand, waarin Hans van der Linde stelt dat VWS in strijd heeft gehandeld met artikel 10 van het Europese Verdrag voor de Rechten van de Mens. Volgens de Staat kan, als deze eis wordt gehonoreerd, de overheid nooit meer een individuele burger dagvaarden. De rechter nuanceerde die uitspraak met de opmerking dat het afhing van de omstandigheden. De advocaat van Van der Linde, mr. Aldert van de Bent, stelde daarop dat in dit geval de overheid had kunnen overleggen in plaats van direct een dreigbrief sturen met de mededeling een proces te zullen aanspannen als Van der Linde zijn uitspraken niet zou terugnemen.
Hier vindt u de pleitnota van mr. A. van der Bent , advocaat van Hans van der Linde.
Hier vindt u de pleitnota van mr. M.F. van der Mersch, landsadvocate van RIVM en Roel Coutinho.
Eerste openbare behandeling op 28 maart 2012, 10.00 uur
Mr. H. A. Witsiers, rechter in Middelburg, heeft een comparitie gelast op woensdag 28 maart om 10:00 uur in de rechtbank te Middelburg. Daar is anderhalf uur voor uitgetrokken.
Een comparitie is een mondelinge behandeling, waarbij de rechter partijen om een toelichting van hun standpunten kan vragen en een voorlopig oordeel over de zaak kan geven, om na te gaan of partijen onderling nog uit hun geschil kunnen komen. Als op de zitting geen schikking wordt bereikt, zal de rechter ofwel uitspraak doen, ofwel partijen in de gelegenheid stellen in een tweede ronde over en weer schriftelijk op elkaars standpunten te reageren.
Conclusie van antwoord
Op 25 januari 2012 heeft Van der Linde bij de rechtbank zijn schriftelijke verweer tegen de dagvaarding ingediend. In deze conclusie van antwoord is een tegeneis (eis in reconventie) opgenomen: De Staat maakt een ongeoorloofde inbreuk op artikel 10 EVRM (Europese Verdrag voor de Rechten van de Mens).
De conclusie van antwoord kunt u hier downloaden:
20120123_conclusie_van_antwoord.pdf
Op hoofdlijnen luidt de conclusie van antwoord en tegelijk eis in reconventie als volgt:
1. Van der Linde kan niet verantwoordelijk worden gehouden voor publicaties, die niet van zijn hand zijn ofwel niet door hem geaccordeerd zijn. Uiteraard draagt hij wel verantwoordelijkheid voor zijn eigen uitlatingen.
2. Deze uitlatingen van Van der Linde betreffen de belangenverstrengelingen van Coutinho en het RIVM in het kader van de influenzavaccinatie. Van der Linde heeft nooit gezegd dat Coutinho of het RIVM zich hebben laten leiden door deze belangenverstrengelingen. De eventuele suggestie die uit kan gaan van het hebben van belangenverstrengelingen maken de uitlatingen van Van der Linde op zichzelf niet onrechtmatig.
3. In de conclusie van antwoord is uitgebreid uiteengezet dat Coutinho en het RIVM wel degelijk belangenverstrengelingen hebben.
I. Naast zijn directeurschap bij het RIVM is Coutinho als deeltijdhoogleraar verbonden aan de Universiteit van Amsterdam alsmede aan de Universiteit Utrecht. In het kader van onderzoek heeft hij banden met de farmaceutische industrie.
II. Het RIVM heeft een zakelijk belang bij de commerciële poot van het Nederlands Vaccin Instituut (NVI) en bij het aantal ingekochte influenza- en HPV-vaccinaties.
De uitlatingen van Van der Linde zijn aldus feitelijk onderbouwd en gegrond.
4. In het kader van het maatschappelijk debat over het nut van de griepvaccinaties is het vaststellen van belangenverstrengelingen van deskundigen van wezenlijk belang. Dat geldt onverminderd voor ambtenaren als Coutinho die mede het overheidsbeleid bepalen. Zowel het belang van de volksgezondheid als de hoge kosten van de vaccinaties maken dat noodzakelijk.
5. Volgens het Europees Hof voor de Rechten van de Mens dient de overheid de vrijheid van meningsuiting van burgers in verregaande mate te beschermen met name wanneer uitlatingen bijdragen aan een maatschappelijk debat. Deze bescherming vormt een onmisbare bouwsteen van een gezonde democratische samenleving. Het RIVM heeft door het aanhangig maken van een procedure getracht Van der Linde de mond te snoeren, hetgeen een ongeoorloofde inbreuk is op de vrijheid van meningsuiting ingevolge artikel 10 van het Europees Verdrag tot bescherming van de Rechten van de Mens (EVRM). In reconventie eist Van der Linde vergoeding van geleden schade.
Dagvaarding
Op 28 november 2011 ontving Hans van der Linde de dagvaarding van het ministerie van WVS, het RIVM en prof. dr. Roel Coutinho. Hierin staat kort gezegd dat zij een verklaring voor recht vorderen dat Van der Linde jegens het RIVM en Coutinho onrechtmatig heeft gehandeld door zijn bewering dat zij zich hebben laten leiden door zakelijke en/of privé-belangen. Het wetenschappelijke en maatschappelijke debat over het nut van de influenzavaccinatie is daarmee door de Staat naar de rechtbank verplaatst in de vorm van een dure bodemprocedure.

